HONI SOIT QUI MAL Y PENSE

(Teveel Engelse termen in de berichtkopjes? Goed, switchen we toch naar het Frans)

Deze week is het begin van mijn vakantie, en zoals er onder schakers een hoop fietsfanaten zijn die daar op hun weblogs mooie verhalen over schrijven, is er een kleinere groep die hun vrije tijd besteedt aan het zich verrijken met allerlei historische weetjes. Vandaag daarom een tour gemaakt (per auto) naar Vlissingen en Veere.

Vlissingen is natuurlijk de stad van Michiel de Ruyter, maar aanleiding voor deze trip was zowel de Engelse inval van Walcheren in 1809, tijdens de tijd van Napoleon, als de viering van 400 jaar Nieuw Amsterdam, en de rol die Zeeland daarin heeft gespeeld. Zo vind ik het persoonlijk razend interessant om te weten dat het eiland Tobago – behorend bij het meer bekendere Trinidad – ooit een tijd Nieuw Walcheren heeft geheten. En de Engelse inval van 1809, die uitliep op een volledige mislukking, past mooi in het verhaal over de oncontroleerbaarheid van de Hollandse en Zeeuwse delta door de eeuwen heen: waar de Spaanse generaal Mondragon al tijdens de tachtigjarige oorlog al een heel Spaans leger letterlijk in het water deed ten onder gaan, wisten ook de Engelsen zich geen raad met het pas veroverde land, en moesten zich roemloos weer terugtrekken, nadat een kwart van het leger ten prooi was gevallen aan allerlei ziektes en plagen waaronder malaria. Napoleon greep hierna in, ontnam de Bataafse Republiek haar min of meer zelfstandige status, voegde het hele gebied der Nederlanden toe aan Frankrijk, en gaf daarmee de aanzet tot het stichten van het Koninkrijk der Nederlanden, dat toentertijd zowat de gehele Benelux omvatte. Van de Volkerenslag in Leipzig naar de slag bij Waterloo en het ontstaan van het koninkrijk België dertig jaar later, is dan nog maar een klein stukje in de geschiedenis.

Tweehonderd jaar eerder, aan de overkant van de plas, werd het allereerste begin gemaakt van een kolonie genaamd Nieuw Nederland. In 1625 werd de stad Nieuw Amsterdam gesticht, en in dit hele gebied herinnert nog veel aan de tijd dat de Nederlanders het er eventjes voor het zeggen hebben. Ik ben ooit in de gelegenheid geweest om dit voormalige Hollandse gebied in upstream New York state te bezoeken, met onder andere de plaatsen Amsterdam en Rotterdam, die daar nog geen 20 kilometer van elkaar liggen. Overigens wordt op oude kaarten uit die tijd naast de term Nieuw Nederland ook de term Nova Belgica gebruikt, en dat in een tijd dat van België als zelfstandig staat nog geen sprake was.

Waar lijdt dit alles toe? Welnu, net als Henry Hudson – overigens een Engelsman in dienst van de VOC – 400 jaar geleden de nu naar hem genoemde rivier opvoer en daarbij ontdekte dat het eiland Manna Hattan een uitstekende ankerplaats en nederzetting zou kunnen zijn, overspoelen in deze tijd de schakers van Charlois Europoort de toernooien in Nederland en België.

Is de interne competitie al niet slopend genoeg, sommigen zijn ook nog in het weekend achter het schaakbord te vinden. Op zaterdag kon men CE-ers vinden in Dordrecht, Delft en Krimpen. Tot nu toe heb ik alleen nog een stukje over het toernooi in Krimpen gezien, wat doet vrezen over de prestaties van onze leden op de andere twee toernooien.

En op zondag vertrok een delegatie van maar liefst 18 spelers naar Brussel om deel te nemen aan de Jose Tonoli memorial. Dit groots opgezette rapidtoernooi wordt georganiseerd door de Chess Club Anderlecht, waar onder andere ook Michel en de broertjes Van Overdam voor uitkomen in de Belgische competitie. CCA had CE uitgenodigd op hun toernooi, om zo na de succesvolle massakamp in Rotterdam de band tussen deze clubs verder te verstevigen.

Nu is het spelen van een rapidtoernooi van 11 ronden niet mijn favoriete bezigheid, zeker niet als je daarvoor zondagmorgen vroeg moet opstaan, maar nadat ik Herman en Lendert had opgehaald, vonden we ergens langs de A16 nog een nogal brak uitziend persoon die zich voorstelde als John van de Laar, en die bij hoog en laag beweerde dat hij niet de avond ervoor maar pas die ochtend door zijn vriendin op die parkeerplaats was achtergelaten. Hierna verliep de reis voorspoedig totdat we in de buurt van de ring van Brussel kwamen. De afslag naar de wijk Anderlecht ligt op ongeveer negen uur op de klok (kwart voor dus), maar de reputatie van de Belgische bewegwijzering in combinatie met een te summiere routebeschrijving (een Tomtom is niet aan mij besteed; die stemmen zijn net zo irritant als die van Fritz in analyse modus) deed ons de verkeerde kant van de ring opsturen, waardoor we de ring voor driekwart moesten nemen. De borden met de afslag Waterloo bevestigden ons vermoeden dat we ten zuiden van Brussel waren aangekomen. Toen uiteindelijk de juiste afslag genomen was, kon na nog een kleine zoektocht tijdig de speelzaal bereikt worden.

Gelukkig voor ons waren we niet de enige die moeite hadden gehad met het vinden van de lokatie. Zoals het in België betaamd, bestonden er in dezelfde straat twee gelijke huisnummers, maar dan zo’n 6 kilometer uit elkaar. De Tomtom wist Cor feilloos naar het verkeerde adres te sturen, maar ook hij was nog op tijd binnen, dat wil zeggen nog voordat de eerste ronde echt ging beginnen. Minder gelukkig was de auto van Filip, met daarin GM Erik van den Doel en onze Arjen. Zij kwamen binnen nadat op hun klok de toegestane 15 minuten al waren verstreken. Alleen vanwege het feit dat de tegenstander van Erik zelf ook een paar minuten te laat was, kon Erik als enige nog achter het bord plaatsnemen om in de hem resterende 2 minuten zijn tegenstander er alsnog af te vluggeren. Erik wist hierna het toernooi alsnog te winnen, zodat Filip hem geen schadevergoeding vanwege gemiste inkomsten hoefde te betalen, maar ik vraag me af of Erik niet na afloop van het toernooi de trein terug naar Leiden heeft genomen.

Tijdens die eerste ronde werd al direct de quote van de dag genoteerd. Nog in de auto had Filip namelijk beweerd dat hij “met schaken nooit moeite had met Adri Jumelet”. Groot was dan ook de hilariteit toen bekend werd dat Adri in de eerste ronde uitgerekend tegen Filip speelde. Filip mag dan qua schaken nog steeds de meerdere zijn van Adri, deze technische knock-out kwam hij de rest van het toernooi niet meer te boven. Ik hoop dat Filip in zijn dagelijkse leven nooit op de afdeling spoedeisende hulp hoeft te werken…

Adri trof het niet met de vier keer dat hij tegen een clubgenoot moest aantreden, en aangezien hij al bij ons contributie betaalt, hoefde hij na afloop geen inschrijfgeld te betalen. Met een zo’n grote delegatie is het natuurlijk onvermijdelijk dat velen van ons één of meer onderlinge partijen moesten uitvechten. Normaliter kan je dan rekenen op een snelle vriendenremise, zeker in de onderste regionen, maar in veel partijen ging het hard tegen hard, zoals ik in de tweede ronde zelf mocht ondervinden tegen Herman. Het laatste dat ik van hem vernomen is dat hij inmiddels al lopende de ring van Antwerpen heeft bereikt, en wellicht toch nog op tijd is om vrijdag in de interne mee te doen…

Onder de 18 CE-ers zaten wat spelers waarvan ik niet gauw had verwacht dat ze zouden deelnemen aan een dergelijk toernooi. Zo was bijvoorbeeld Eduard Smits van de partij, de dames Sophia en Angelique onder leiding van moederkloek Marjolein, en jeugdspeler uit eigen kweek Janus de Vries.

Voor de volledige uitslagen verwijs ik naar de website van CCA. Naast winnaar GM Erik van den Doel deed Michel het aardig met 7,5 uit 11. Hierna een grote groep met een half, heel of anderhalf punt achterstand. Iets verder in de achtergrond de mensen voor wie een dergelijk toernooi op zich al een uitje is.

Zelf had ik na een in de schoot geworpen remise in verloren stelling in de eerste ronde, plus de nederlaag tegen Herman in de tweede, het liefst meteen doorgereden naar Waterloo om nog iets nuttigs van mijn dag te maken. Gaandeweg ging het wel wat beter, maar echt goed werd het nooit. De beste partij zat zogezegd achter de wedstrijdleiderstafel om de uitslagen op te nemen. Ik heb nog even geprobeerd om de serie nullen en enen te verkopen als mijn telefoonnummer, maar daar trapte ze helaas niet in. Bovendien met een charmeur als Ruud in de buurt heeft niemand anders meer een kans.

Uiteindelijk wist ik Herman nog net een halfje voor te blijven, en Lendert haalde een mooie 6,5 punt. John speelde vier remises en verloor maar liefst twee keer, zodat de auto toch redelijk gevuld was met een respectabel aantal punten.

Was er dan helemaal niets goeds? Jawel, hoewel Jan van Overdam junior daar anders over zal denken. Met in gedachten nog de nederlaag tegen Julian, kan ik het niet laten om hier een klein miniatuurtje van eigen hand te laten zien. Het zal waarschijnlijk niet de beste partij van Jan zijn geweest; het was in ieder geval voor mij wel het hoogtepunt van deze zondag.