Bij Krimpen lopen nog meer Casteleijnen rond. Aangezien ze allen achter het schaakbord zitten is het logisch dat alle bars in de grote zaal onbemand blijven.
De supporters van het vijfde waren al vroeg aanwezig. Adri Jumelet had op de site al gezien wie er zouden invallen en was daarom op de bonnefooi naar de Tuyter gekomen. Vooral Henk Kootkar en Peter Overduin werden gerustgesteld door zijn morele steun. Ook leuk dat Marcel van der Linden van Onesimus een bovenmatige belangstelling voor onze partijen had.
De teamwedstrijd begon lekker voor Charlois Europoort. Gesterkt door de support van Adri had Henk al snel een comfortabele stelling en Menno Brandenburg vertaalde in de opening zijn surplus aan kwaliteit al snel in een kwaliteit van hout. Onze topspeler aan bord 1 nam een pion in ontvangst en ging op zijn gemakkie achterover leunen. Het zwarte spartelen op de damevleugel was aandoenlijk, maar de kenners zagen hier het punt voor CE al binnenkomen.
Toch waren de supporters niet geheel gerust. Piet Verheij had met zwart geen problemen, maar na een gekunstelde flankaanval (paard en loper aan de rand met torenondersteuning op afstand) van Michel van Cappellen, vergat Piet de boel open te gooien in het centrum. Zijn stellingsoordeel liet hem in de steek en Piet zette zonder klein plan zijn stukken op velden waar ze eerder hinder van elkaar hadden, dan dat ze schitterend konden samenwerken.
Robert Casteleijn blufte Herman in de verdediging met een speculatief offer op e6. Misschien niet correct, maar het leek als vanzelf te spelen voor wit. Het middenspel was nog niet afgelopen, maar de 1-0 was binnen.
Na de 2-0 achterstand aan het tweede bord kregen sommige supporters het toch wel warm. “Het zou toch niet…”

Invaller Jeroen Knikman, die we kennen van Shah Mata, speelde tegen Rinus van de Wetering. Rinus was al lid van Shah Mata toen het nog de Zwarte Dame heette. Als een echte gentleman bood hij remise aan in een relatief snel verkregen eindspel met zware stukken. Jeroen speelde verder…
Peter bracht de achterstand ondertussen terug naar 2-1 door na een rustige opening het initiatief en het materiaal te pakken. Eigenlijk precies zoals Peter het wil hebben.
Het zekere punt van Marcel trok de stand gelijk. Het spartelen had zwart te veel materiaal gekost.
Henk gaat dit jaar meedoen met de trainingen op de club, want ook nu wist hij zijn openingsvoordeel niet genoeg uit te bouwen voor de winst. Een ongelijk lopereindspel, of een “gelijk” lopereindspel (het is maar hoe je het bekijkt), eindigde gelijk.
De partij van Menno was na de kwaliteitswinst redelijk geruisloos uitgeschoven naar winst. Het had misschien allemaal wat scherper gekund, maar waarom ingewikkeld doen als het ook eenvoudig kan?
Rinus, die vroeger nog gefietst heeft met Wout Wagtmans -drie jaar achtereen gele truidrager in de Tour de France (1954,’55 en ’56)- pakte in de eindsprint op conditie en zeker ook op techniek de winst in het toreneindspel. Door zijn ervaring maakte hij hier het verschil.3-5 winst. Daar zijn we tevreden mee.
Nu kan ik mij voorstellen dat er nog informatiebehoefte bestaat naar de schaaktechnische inhoud van de andere partijen. Gelukkig voor ons allemaal heeft Marcel van der Linden van Onesimus alle partijen overgeschreven.
(Zo ver wij weten, speelt Marcel Frans.)
Of zullen we ons eerst maar eens bezig houden met ons eigen spelletje?
Krimpen 4-CE 5
Diederick Casteleijn (1631) – Marcel den Bleker (1901) 0-1
Michel van Cappellen (1835) – Piet Verheij (1774) 1 – 0
David Berendsen (1757) – John van de Laar (1834) ½-½
Jeroen Knikman (1671) – Rinus van de Wetering (1685) 0 – 1
Lennart Kraaijenbrink (1671) – Menno Brandenburg (1833) 0 – 1
Robert Casteleijn (1657) – Herman van Malde (1805) 1 – 0
Adri van der Waal (1648) – Peter Overduin (1695) 0 – 1
Jan Buis (1543) – Henk Kootkar (1691) ½-½
